Aankomende studenten van hogescholen en universiteiten kunnen voortaan vragen om een individueel studiekeuzegesprek. De onderwijsinstellingen kunnen zo’n gesprek verplicht stellen. De studiekeuzegesprekken zijn bedoeld om studenten een beter beeld te geven van een studie. Ook moet het gesprek duidelijk maken of de gekozen studie past bij de student. Hiermee hoopt het kabinet de uitval van studenten te kunnen bestrijden. De gesprekken zouden moeten worden gevoerd vóór de zomer voorafgaand aan het begin van de studie. Op dit moment werken sommige ‘colleges’, die kleinschalig onderwijs bieden, al met intakegesprekken. Studenten weten nu vaak niet goed wat hun te wachten staat, zei minister Plasterk (Onderwijs, PvdA) gistermiddag. „Ze horen vaak in de eerste week van de docenten dat over drie maanden de helft gestopt is. Dat is een enorme verspilling van geld en talent.” Een andere maatregel van het kabinet is dat universiteiten en hogescholen alleen in uitzonderlijke gevallen het wettelijk vastgestelde collegegeld, nu 1.535 euro per jaar, mogen verhogen. Alleen de colleges en sommige topopleidingen mogen het collegegeld verhogen. Plasterk verwacht dat ze ongeveer het dubbele gaan vragen. „Deze harrypotterachtige opleidingen hebben een ander soort aanbod.” Ook mogen reguliere opleidingen niet zonder meer studenten selecteren ‘aan de poort’. Het kabinet beschouwt de studiekeuzegesprekken als een alternatief voor deze selectie. Behalve de colleges mogen alleen opleidingen met een numerus fixus, zoals geneeskunde, en de topopleidingen studenten vooraf selecteren. Het variabel maken van het collegegeld is een lang gekoesterde wens van de universiteiten. Studenten hebben zich er altijd tegen verzet, ze vreesden dat dat zou leiden tot hogere collegegelden. Nu zegt de VSNU de kabinetsbeslissingen te verwelkomen. Nederlandse universiteiten staan overwegend „terughoudend tegenover collegegelddifferentiatie”, aldus de universiteitenvereniging. De commissie-‘Ruim baan voor talent’ werd in 2004 ingesteld door toenmalig staatssecretaris Nijs (Onderwijs, VVD). Op 10 mei in NRC
De decanen komen zelf ook tot de conclusie dat er nog meer aandacht moet komen voor de overstap van havo/vwo naar wo/hbo. Het is eigenlijk maar vreemd: voor de meest eenvoudige baan moet je een sollicitatiebrief schrijven en vindt een gesprek plaats tussen beide partijen. Voor verreweg de meeste studies hoef je "slechts" een vwo/havo diploma te hebben. Ook al ben je naar geen enkele open dag geweest, kun je toch probleemloos aan studies als economie, rechten of werktuigbouwkunde beginnen, om maar iets te noemen. Is het zo raar als de ontvangende instelling en de aanstaande student een goed gesprek hebben voordat de studie wordt opgepakt? Is het zo raar als de aanstaande student een soort sollicitatie-procedure moet doorlopen? Met daarbij de decaan/mentor als referentie, met name over de inhoud en deugedelijkheid van het toekomstdossier? Er zijn nu vrij veel leerlingen die met een minimale voorbereiding (brochure, internet, één open dag) aan een studie beginnen. Onderzoek in Nijmegen wijst uit, dat er een relatie is tussen studiesucces en een goede voorbereiding. Voor schooldecanen grenst dit aan het intrappen van een open deur. Voor de universiteiten is het een zware klus: honderden aanstaande eerstejaars bij rechten of pedagogiek zullen op bezoek moeten, maar vermoedelijk is het de investering waard. De nog steeds aanzienlijke uitval of omzwaaien in het eerste jaar is deels een gevolg van het verkeerde beeld dat studenten soms hebben van een studie. De decanen zouden zelfs zover durven gaan dat universiteiten en hogescholen een negatief advies moeten kunnen uitbrengen als een aanstaande student overduidelijk niet goed voorbereid is op de aanstaande studie, qua interesses, capaciteiten of vaardigheden.
|
||||||||||||







