Je krijgt in dit vak oog voor wat zich in de kunst uitspreekt, voor wat de kunstenaar eigenlijk bezielt.
In de negende houdt je je heel intensief en betrokken bezig met Egypte, Griekenland, Rome en de Renaissance. In de tiende valt eigenlijk de poëticaperiode bij Nederlands onder kunstgeschiedenis, en in de elfde de toneel- en muziekgeschiedenisperiodes.
In de twaalfde doe je de moderne kunststromingen, waarbij je zelf ook een kunstenaar kiest en uitdiept.Ook arcxhitectuur en bouwkunde krijgt daar de aandacht. Zowel de theorie als het zelf doen (tekenen, schilderen, musiceren en schrijven) krijgen aandacht bij dit vak. Op de eindreis in de twaalfde (naar bij voorbeeld Rome, Florence of Barcelona) en bij de excursie naar Parijs in de elfde klas zie je veel in het echt.
Over kunstgeschiedenis op de algemene site. Klik in het menu links op 'vakken'. Helemaal onderaan staat de koppeling naar 'maatschappijvakken'.