Met alle elfdeklassers naar Wachten op Godot Door: Ismonde Kik | Gemaakt op: 2-10-2005 om 20:00 |
‘Laten we gaan’
‘we kunnen niet’
‘waarom niet?’
‘we wachten op Godot’
‘o ja’

1) Verhaallijn.
Twee zwervers, Vladimir en Estragon blijven dag in, dag uit op een landweg bij een boom wachten op een zekere meneer Godot, maar ze weten niet zeker of de afspraak met de onbekende Godot vaststaat. Vladimir kan niet precies zeggen wat ze hebben afgesproken en Estragon weet zich helemaal niets meer te herinneren.
Als de twee zwervers op een dag verwikkeld zijn in een van hun eindeloze dialogen die wisselen tussen hoop en wanhoop, komt de landeigenaar van het stuk land waar ze op wachten langs met zijn knecht die hij als slaaf behandelt.
Deze landeigenaar heet Pozzo en eerst denken de twee zwervers dat hij Godot heet.
Als Pozzo zijn slaaf Lucky de opdracht geeft om hardop te denken, loopt dit uit de hand doordat Lucky niet meer stopt met zijn vrijwel onbegrijpelijke redevoering. Pas als Lucky’s hoed van zijn hoofd wordt gehaald, stopt hij met ‘denken’ en valt bewusteloos op de grond neer. Als Lucky weer op de been is geholpen vertrekken Pozzo en Lucky.
Dan komt er een jongen langs die zegt dat hij nog nooit op die plek is geweest en verteld dat Godot de volgende dag zal komen.
De volgende dag gebeurt er bijna precies hetzelfde als op de vorige dag. Estragon weet niets meer van de dag daarvoor maar Vladimir weet alles nog. Weer komen Pozzo en Lucky langs. Pozzo is echter blind wakker geworden en Lucky is zijn spraakvermogen kwijt. De twee vallen neer op de grond en als Pozzo om hulp vraagt, moeten Vladimir en Estragon daar eerst diep over nadenken. Uiteindelijk komt Pozzo zelf overeind en vertrekken hij en zijn slaaf weer.
Dan komt dezelfde jongen van de dag daarvoor weer langs en hij zegt weer dat hij nog nooit op die plek is geweest. Wederom zegt de jongen dat Godot de volgende dag komt en wederom besluiten de twee zwervers om niet meer te wachten, maar het verhaal laat doorschemeren dat ze gewoon blijven wchten, dag in, dag uit.
2) Personages
Vladimir: Vladimir heeft een pessimistische, onverschillige kijk op het leven. Hij doet zijn hele leven niets anders dan wachten, maar waar hij op wacht weet hij waarschijnlijk zelf ook niet zo goed. Hij wil graag een beter leven, maar wacht tot het vanzelf zal komen. Zijn leven is daardoor saai en hij ziet de dood niet als iets engs of afschrikwekkends, maar als ‘weer eens iets nieuws’.
Estragon: Estragon is misschien nog pessimistischer dan Vladimir. Ook is hij zo dement dat hij zich niets meer weet te herinneren van wat er daarvoor gebeurde. Hij vergeet dan ook constant dat ze op Godot wachten, iets waar Vladimir hem steeds aan moet helpen herinneren.
Pozzo: Pozzo is een arrogant persoon en de meester over Lucky. Op weg naar de markt om Lucky te verkopen, stopt hij om een praatje te maken met de twee zwervers. In het tweede deel is hij blind en heeft hij hun hulp nodig. Net zoals Estragon kan hij zich niet herinneren wat er is gebeurd.
3) Decor, rekwisiten en licht.
Het decor was heel simpel opgebouwd; het podium waar het stuk zich op afspeelde, was rond en had kringen, alsof het een hele grote doorgezaagde boom was. Op dat podium stond een kleine boom met maar een paar takken, die het eerste deel van het stuk helemaal kaal was en in het tweede stuk 3 blaadjes had. Verder stond er aan de andere kant van het podium een grote steen. Achter het podium was een rechthoekig vlak waarop twee keer de maan te zien was.
Er waren niet zo veel rekwisiten. Lucky, de slaaf van Pozzo droeg een krukje en een mand en Pozzo had een zweep.
Het licht veranderde niet zo veel. Er scheen een warm, gebroken-wit licht dat een meer blauwe en kille kleur kreeg toen Lucky zijn redevoering hield en donkerblauw werd toen het avond werd. Ook werd er ’s avonds een witte maan op het rechthoekige deel achter het podium geprojecteerd.

4) kostuums maskers en grime.
De twee zwervers droegen allebei een nogal versleten pak. Vladimir had een donkergroen/grijs pak met een donkerbruine bolhoed en Estragon droeg een beige overhemd met een bruine broek en jas. Ook hij had een donkerbruine bolhoed.
Pozzo droeg een lange blauwe jas met een gele/beige kraag en een grijze bolhoed. Lucky droeg armzalige kleding; een helemaal versleten lichtbruine broek en een eveneens helemaal versleten grijs overhemd. Hij had in het eerste deel van het stuk ook een donkere hoed die, als hij van zijn hoofd wordt afgehaald tijdens zijn redevoering, niet meer bij hem terugkomt.
De acteurs waren niet extreem geschminkt.
5) Muziek
Er was in het hele stuk geen muziek.
6) Tekst en spel.
De tekst was niet al te moeilijk om te begrijpen behalve bij de diepzinnige monoloog van Lucky. Het hele stuk was zeer humoristisch gespeeld. Vb: Elke keer dat Vladimir zei dat hij en Estragon op Godot wachtten (iets dat geregeld gebeurde) trok hij een raar gezicht. Toch zit er in ‘wachten op Godot’ een diepzinnigere betekenis, ik denk dat Godot eigenlijk de tijd is en dat de twee zwervers dus wachten op de dood.
7) Algemene indruk
Ik vond ‘wachten op Godot’ helemaal de moeite waard om te bekijken. Het ging ook niet vervelen ondanks de herhalingen van een aantal dingen. Het is een absurd stuk, geniaal geschreven en uitgevoerd. Ik denk dat de schrijver wilde laten zien dat de mens eigenlijk machteloos is tegen de tijd en dit in het extreme heeft laten zien.
Een heel boeiend stuk!